|
prof. dr. Ludo Melis, prof.
dr. Piet Desmet, Gino Vleminckx
Inleiding
Internet, multimedia; de termen klinken u wellicht niet vreemd in de oren. Het gebruik
van deze nieuwe Informatie- en Communicatietechnologieën heeft de laatste jaren
een steeds belangrijkere impact gekregen op onze maatschappij en bepaalt mee het
beeld van onze huidige samenleving. Ook in het onderwijs groeit het besef dat een
efficiënte toepassing van deze technologieën heel wat voordelen inhoudt,
zowel voor de docent als voor de student. Programma's waarbij de student aangespoord
wordt om actief kennis op te bouwen zorgen ervoor dat het leerproces veel effectiever
en motiverender verloopt.
Het ALFAGRAM-project dat sinds 1 oktober 1997 loopt aan de faculteit Letteren van
de K.U.Leuven en de KULAK wil inspelen op deze recente evolutie. ALFAGRAM beoogt
de ontwikkeling van een "Actieve Leeromgeving Frans voor Anderstaligen: GRAMmatica"
die als zelfstudiepakket wordt aangeboden onder electronische vorm (website, CD-Rom).
Het programma is in de eerste plaats afgestemd op de studenten Romaanse Talen (voor
wie een grondige kennis van het Frans een absolute vereiste is om met succes te slagen
in hun studies), maar richt zich in ruimere zin tot iedere anderstalige die Frans
op een hoog niveau wil leren.
Het ALFAGRAM-project wordt geleid door Ludo Melis (promotor) en Piet Desmet (co-promotor),
die tevens titularis zijn van de kandidatuurscolleges Franse grammatica te Leuven
respectievelijk te Kortrijk. Het materiaal wordt aangemaakt door Gino Vleminckx (wet.
medewerker) terwijl Ir. Peter Jacobs instaat voor de informatisering.
ALFAGRAM: de inhoudelijke componenten
ALFAGRAM bestaat inhoudelijk uit de volgende drie componenten :
* een leergrammatica met een systematische beschrijving van verschillende leereenheden:
- de werkwoordelijke groep (tijden, wijzen, etc.)
- de naamwoordelijke groep (nomen, pronomen, adj., etc.)
- de enkelvoudige zin (passief, pronominale constructie, etc.)
- de complexe zin (nevenschikking, onderschikking).
* geïnformatiseerde ontsluitingsvormen, met name diagnostische tests, remediërende
oefeningen en leeroefeningen met uitgebreide feed-back.
* een elektronisch corpus met schriftelijk (literaire, journalistieke en essayistische
teksten) en mondeling taalmateriaal als basis voor de grammatica (van waaruit het
corpus consulteerbaar is) en voor de test- en oefenpakketten.
Deze drie componenten zijn maximaal op elkaar afgestemd, zodat ieder onderdeel in
rechtstreekse verbinding staat met de andere componenten. Dit blijkt uit de figuur
hieronder. In de volgende paragrafen zullen we de opbouw en de principes van de verschillende
componenten verder toelichten.
Figuur
1: de inhoudelijke componenten van ALFAGRAM
De leergrammatica: opbouw en principes
Bij de aanmaak van de leergrammatica hebben we de bevraagbaarheid vanuit een maximaal
aantal invalshoeken en de gebruiksvriendelijkheid als centrale uitgangspunten gesteld.
Zo hebben we ervoor gezorgd dat de leergrammatica vanuit verschillende invalswegen
toegankelijk is:
* De leergrammatica bevat voor iedere leereenheid zowel een morfosyntactische beschrijving
(die het formele aspect beschrijft bijv.. de regels van het akkoord in geslacht en
getal, de syntactische contexten waarin een grammaticaal item voorkomt) als een semantico-pragmatische
beschrijving (die de betekenis en de gebruikscontext van de grammaticale structuren
beschrijft).
* Iedere leereenheid is bovendien toegankelijk vanuit een semasiologische invalsweg
(van de vorm naar de betekenis bijv.. hoe de conditionnel gebruiken?) en vanuit een
onomasiologische invalsweg (van de betekenis naar de vorm, bijv.. hoe een bevel weergeven?).
Daarnaast hebben we eveneens een lexicale invalsweg ingebouwd die het grammaticaal
gebruik per lexicaal item weergeeft (bijv.. wanneer de subjonctif gebruiken bij het
werkwoord nier?).
* Bovendien hebben we de verschillende leereenheden beschreven aan de hand van samenvattende
schema's en tabellen die de onderlinge gelijkenissen en verschillen tussen de tijden
van de indicatif weergeven.
* Bij de grammaticale beschrijving hebben we een aantal termen en begrippen gehanteerd
(zoals modaliteit, wijs, aspect,...) die door de instromende student nog niet altijd
gekend zijn. Om de leerder snel vertrouwd te maken met de begrippen die wij hanteren,
hebben we een glossarium voorzien dat voor iedere grammaticale term een korte beschrijving
geeft. Dit glossarium is bereikbaar vanop iedere pagina van het programma.
* De leergrammatica is eveneens verbonden met een thematische en alfabetische index
waar de leerder een inhoudelijk/alfabetisch overzicht krijgt van de grammaticale
items binnen ALFAGRAM.
Qua presentatievorm van de leergrammatica hebben we voor een eenvoudige maar doordachte
opbouw gekozen. Concreet betekent dit dat we voor de verschillende leereenheden een
beschrijvingskader hebben aangemaakt waarbij zoveel mogelijk dezelfde parameters
gehanteerd worden. Hierdoor wint de grammaticale beschrijving enerzijds aan doorzichtigheid
en raakt de leerder anderzijds snel vertrouwd met de voorstellingswijze van de leergrammatica.
Iedere pagina binnen de leergrammatica is opgebouwd aan de hand van een framestructuur
en bestaat uit drie delen :
* Het bovenste frame (het navigatieframe) bevat een aantal knoppen die het de leerder
mogelijk maken zich doorheen het programma te verplaatsen of te navigeren. De knoppen
Alfagram en Index die activeerbaar zijn vanop iedere webpagina leggen een verbinding
naar een overzichtspagina waarop de verschillende items van ALFAGRAM inhoudelijk
respectievelijk alfabetisch geordend zijn. De andere knoppen binnen het navigatieframe
verbinden de geactiveerde pagina met leereenheden die inhoudelijk gezien een niveau
hoger staan. Bovendien tonen de knoppen waarvan de tekst in italics is weergegeven
aan waar de gebruiker zich in het programma bevindt.
* Het middenste frame bevat de inhoudelijke beschrijving van de verschillende items
binnen de leergrammatica. We hebben de inhoudelijke beschrijving maximaal voorzien
van hyperlinks. Deze hyperlinks zorgen ervoor dat de leerder zich snel en gemakkelijk
doorheen de leergrammatica kan verplaatsen en dat het ene grammaticale item aansluit
op het volgende.
* Het onderste frame bevat een nieuwe reeks navigatieknoppen. De knoppen page précédente
en page suivante leiden naar de webpagina's die logisch gezien aansluiten bij de
geactiveerde pagina. Aan de hand van deze knoppen wordt de leerder als het ware doorheen
het programma geleid, wat ons zeer interessant lijkt voor de leerder die ALFAGRAM
voor het eerst gebruikt. De knoppen exemples en exercices laten integratie toe van
het illustrerende corpusmateriaal en de ontsluitingsvormen binnen de leergrammatica.
De knop notions-clés zorgt voor de verbinding met het glossarium waar de leerder
uitleg vindt over de grammaticale begrippen.
Hieronder volgt een illustratie van een webpagina binnen ALFAGRAM waarop de verschillende
navigatieknoppen weergegeven zijn.
Figuur
2: Voorbeeld van een webpagina
De ontsluitingsvormen: opbouw en principes
Naast de aanmaak van een leergrammatica met verschillende leereenheden hebben we
eveneens een aantal ontsluitingsvormen geïntegreerd binnen ALFAGRAM. Deze ontsluitingsvormen
omvatten enerzijds een aantal diagnostische tests waarmee de leerder kan bepalen
voor welke grammaticale items hij verdere bijsturing nodig heeft. Anderzijds omvatten
de ontsluitingsvormen ook een aantal remediërende oefeningen en leeroefeningen
die de leerder na het consulteren van de leergrammatica kan gebruiken om zijn opgedane
kennis te testen.
We voorzien concreet verschillende oefentypes: meerkeuze-oefeningen, invuloefeningen,
correctie-oefeningen waarbij de leerder gevraagd wordt een stimulus te corrigeren,
vertaaloefeningen waarbij de leerder een zin of een passage moet omzetten van het
Nederlands naar het Frans.
De leerder stelt zelf zijn oefenpakket samen: hij kan ervoor kiezen om enkel oefeningen
van een bepaald type op te lossen (bijv.. enkel vertaaloefeningen) of hij kan een
gecombineerd oefenpakket samenstellen met verschillende oefentypes. Na iedere oefenzin
krijgt de student de mogelijkheid om de oefeningen die hij moeilijk vond te laten
opnemen in het onderdeel casse-tête (struikelblokken). De computer bewaart bovendien
automatisch de oefenzinnen die de student fout heeft opgelost. Bij een volgende oefensessie
kan de student het onderdeel casse-tête en het overzicht van de fouten consulteren
en zo snel de oefeningen overlopen waarmee hij vroeger problemen had. Hieronder volgt
een illustratie van het basisscherm dat de leerder te zien krijgt binnen het onderdeel
ontsluitingsvormen.
Figuur
3: Voorbeeld van een oefening
Het corpus met voorbeeldzinnen: opbouw en principes
De uitwerking van de leergrammatica en de ontsluitingsvormen gebeurt grotendeels
op basis van elektronische corpora die uit mondeling en schriftelijk taalmateriaal
bestaan. De corpora met geschreven Frans zijn in het kader van dit project samengesteld
en bestaan uit literaire, essayistische en journalistieke teksten. De corpora gesproken
Frans bestaat onder andere uit de teksten die in het kader van het onderzoeksproject
Elicop (o.l.v. M. Debrock) binnen het Departement Linguïstiek werden samengesteld.
De bedoeling van dit corpus met voorbeeldzinnen is de student concrete illustraties
uit de praktijk te geven als ondersteuning van enerzijds van de theoretische beschrijving
uit de leergrammatica en anderzijds van de ontsluitingsvormen waar een bepaalde grammaticale
moeilijkheid aan bod komt. Hieronder volgt een voorbeeldzin geselecteerd uit het
corpus geschreven Frans.
Ce n'est pas vrai, dit-elle, tendue, calme. Je dirais plutôt qu'on croit qu'on
ne peut pas se passer des gens, et puis on peut très bien. Vous verrez, on peut
très bien.1 (voorbeeldzin dat een modaal
gebruik van de conditionnel présent weergeeft. De conditionnel laat hier toe iets verzacht uit te drukken)
De leergrammatica: een uitgewerkt voorbeeld
Om de toepassingsmogelijkheden van de leergrammatica te verduidelijken, hebben we
als voorbeeld de grammaticale beschrijving van de wijzen subjonctif - indicatif genomen.
Als uitgangspunt veronderstellen we een leerder die wil weten wanneer hij de subjonctif
en de indicatif dient te gebruiken. De leerder kan dit probleem op twee manieren
bestuderen: enerzijds kan hij nagaan in welke syntactische contexten iedere wijs
gebruikt wordt en anderzijds kan hij het nagaan in welke semantische context de indicatif
of de subjonctif voorkomt. In het basisscherm vindt u de morfosyntactische beschrijving
op de verticale as en de semantico-pragmatische beschrijving op de horizontale.
Figuur
4: Basisscherm met morfosyntactische en semantico-pragmatsiche beschrijving
Vanuit dit basisscherm kan de leerder een verdere beschrijving van het gebruik van
de subjonctif oproepen en dit zowel vanuit semasiologische als vanuit onomasiologische
invalsweg.
Wie een semasiologische beschrijving (van vorm naar betekenis) wil, consulteert achtereenvolgens
de verschillende cellen die zich op een van de verticale assen bevinden. We onderscheiden
hierbij het gebruik van de subjonctif in:
- de completiefzin (bijv.. Je veux que tu viennes.)
- de relatiefzin (bijv.. Je cherche quelqu'un qui sache parler le français.)
- de bijwoordelijke bijzin (bijv.. Je l'ai fait pour qu'il soit content.)
- de onafhankelijke zin (bijv.. Vive le roi.)
Daarnaast maakten we een lijst op met predicaten (werkwoorden, naamwoorden en adjectieven)
waarbij we aangeven met welke wijs ieder predicaat zich combineert. Zo kan de leerder
éénvoudig nagaan of een specifiek predicaat in een bepaalde syntactische
context met de indicatif of met de subjonctif gebruikt wordt.
Wie een onomasiologische beschrijving (van betekenis naar vorm) wenst, consulteert
achtereenvolgens de verschillende cellen die zich op een van de horizontale assen
bevinden. We onderscheiden hierbij de volgende semantische categorieën die ook
hier de vorm aannemen van:
- plan du savoir waarbij de spreker weergeeft dat het (on)zeker is of het beweerde
in overeenstemming is met de werkelijkheid: (bijv.. Il n'est pas sûr qu'elle
vienne.)
- plan de l'agir waarbij de spreker de houding weergeeft die hij verwacht van de
aangesprokene of van zichzelf ten opzichte van het beweerde (bijv.. Je désire
que tu viennes.)
- plan de l'existence waarbij de spreker de wijze weergeeft waarop het beweerde zich
tot de werkelijkheid verhoudt. (bijv.. Il se peut qu'il arrive en retard.)
- plan de l'évaluation waarbij de spreker zijn gevoelens (verrassing, verbazing,
blijdschap...) uitdrukt ten opzichte van het beweerde. (bijv.. Je suis content que
tu sois revenue.)
Conclusie
In deze korte beschrijving hebben we geprobeerd duidelijk te maken hoe het ALFAGRAM-project
inhoudelijk en functioneel is opgebouwd. Tegen september 1999 zal ALFAGRAM voldoende
operationeel zijn om ingezet te worden binnen de opleiding Romaanse Talen. Bovendien
is het naar de toekomst toe mogelijk om het ALFAGRAM-concept te transponeren naar
andere doelgroepen: bijv.. studenten uit andere academische opleidingen of leerlingen
uit het secundair onderwijs. De structuur en de presentatievorm kunnen hierbij grotendeels
behouden blijven; de concrete invulling zal aangepast worden in functie van de eindgebruikers.
Indien u het ALFAGRAM-project wenst te consulteren, kan u terecht op de volgende
URL: http://wwwling.arts.kuleuven.ac.be/alfagram/) U zal merken dat een aantal inleidende pagina's
(met uitleg omtrent het project en voorbeelden) toegankelijk zijn voor iedereen,
terwijl de inhoudelijke beschrijving beschermd is met een paswoord. Als u een paswoord
wil bekomen of voor verdere inlichtingen omtrent het project, kan u contact opnemen
met Gino Vleminckx op het onderstaande adres:
Gino Vleminckx
Blijde Inkomststraat 21
Departement Linguïstiek
3000 leuven
tel: 016/32.47.96
E-mail: Gino.Vleminckx@arts.kuleuven.ac.be
Het ALFAGRAM-project: een leergrammatica Frans op het internet
Het ALFAGRAM-project: L. Melis - P. Desmet - G. Vleminckx
Eindnoot
1
F. Mallet-Joris, Le clin d'œil de l'ange, Editions
Gallimard, 1983, p. 80
|